Dagelijks Archief:13 mei 2018

0 0

Lowie d’ Hooghe

GELDROP-MIERLO – Ruim 90 jaar en nooit iemand tot last, vorige week donderdag hebben veel inwoners van Braakhuizen maar ook uit andere wijken van Geldrop geheel in stijl afscheid van een icoon genomen. Zeg in Braakhuizen Frans Stoef en iedereen heeft meteen het beeld van een 90 – jarige man met een prachtige grijze kop met haar die bijna altijd per fiets rondreed met achterop grote zakken konijnenvoer, fietstassen met jonge (kromme) preiplantjes en (eveneens meestal kromme) augurken die hij graag met iedereen deelde.

Zelf mocht ik een jaar of tien geleden wat beter kennis maken met Frans toen ik met mijn echtgenote lid werd van volkstuinvereniging “De Baron z’n plak”. Frans kwam toen regelmatig “op d’n tuin” met een pet op waarop stond: “Zo kun d’r ook uitzien as ge 80 bent”. Dit tekende zijn gevoel voor humor. Maar al snel leerden we hem ook beter kennen als iemand die altijd in was voor een praatje, altijd iets weg te geven had en feitelijk behoorde tot de inventaris van de volkstuin. Sterker nog, een volkstuin zonder Frans Stoef was in feite ondenkbaar. In de afgelopen jaren was ik een keer getuige van een val van Frans bij de ingang van de volkstuin maar na hem overeind geholpen te hebben gaf hij meteen te kennen dat er niets aan de hand was en dat het weer goed met hem ging. Vanaf dat moment had ik me voorgenomen telkens als ik hem zag te vragen hoe het met hem ging. Het enige dat hij op zo’n vraag kwijt wou was telkens: “Ut gé, we zijn er nog”.

Een man die leefde met en voor de natuur.
Frans werd geboren als 15e telg in een gezin met uiteindelijk maar liefst 18 kinderen uit de Goorstraat. Waarschijnlijk was dat een van de redenen dat Frans zich ontwikkelde tot iemand die bekend stond om zijn vermogen om echte conflicten in goed overleg in de kiem te smoren. Dat kwam hem later tijdens zijn politieke carrière als gemeenteraadslid goed van pas. Altijd was Frans dan ook in voor een praatje. Onderwerpen genoeg voor gesprekken die vaak iets met dieren of de katholieke kerk te maken hadden. Ook van konijnen wist hij alles. Of het nu ging om vangen, verzorgen of slachten. Wat minder mensen wisten is dat hij in zijn jonge jaren ook graag eekhoorntjes ving. Hoewel eigenlijk verboden deed hij dat toch graag als sport en bijverdienste en zelfs de wat hij altijd noemde “hoge heren” maakten graag gebruik van zijn jagersvaardigheden. Je moet immers niet alleen snel zijn om zo’n beestje te vangen maar ook zo slim zijn om, waar je niet met kooien door de bossen kon rijden, deze tijdelijk in een mouw van een jas te knopen om ze zo onopvallend mogelijk naar huis te kunnen transporteren. De Partij voor de Dieren bestond immers nog niet en van de Oostvaardersplassen had ook nog niemand gehoord. Mensen met grote tuinen “bestelden” vaak eekhoorns bij Frans en hij was nooit bang voor represailles want hij zorgde altijd wel dat hij altijd iets belastends over zijn opdrachtgever wist en dwong zo als het ware zwijgplicht af.

Tuinder tot op zeer hoge leeftijd.
Frans was een echte buitenmens en het is maar goed dat hij niet al te lang aan zijn ziekbed gekluisterd geweest is. Zijn hele leven heeft hij zich bezig gehouden met duiven, eekhoorns, konijnen, zangvogels en planten. Tot zijn snel tanende gezondheid daar op 90-jarige leeftijd helaas voorgoed een einde aan maakte. Na een kort verblijf in Helmond werd hij vervolgens heel goed verzorgd in het Hospice van Berkenheuvel. Ook hier kon iedereen het al snel goed met Frans vinden. Naast een woord van dank voor de verzorging in Berkenheuvel is waardering voor het echtpaar Bram en Tiekel Wortman hier ook zeker op zijn plaats. Zij deelden de laatste tijd namelijk een volkstuinperceel met Frans zodat hij tot het laatst zijn tuinhobby nog vol kon houden. Ook ging deze, zelf oud-marinier, ook steeds met Frans naar de Indiëherdenking die, dankzij de vastberaden inzet van Frans Stoef, al 19 keer in Geldrop gehouden is. Helaas heeft Frans de 20e editie niet meer mee mogen maken. Frans was ook in liefde en trouw onlosmakelijk verbonden aan zijn goede vriendin Sonja en samen met haar zorgde hij er zo voor dat beide families, Stoef en Teerlink, samengesmeed werden tot weer één grote familie.

Afscheid geheel in de stijl van Frans.

De uitvaartdienst van Frans Stoef, verzorgd door Uitvaarthuis Hans Raaijmakers, en voorgegaan door pastoor Jef van der Maazen, verliep ongetwijfeld precies zoals Frans het zelf gewild zou hebben. Met weinig tranen maar begeleid door vogelzang, woorden van familieleden die vooral van dankbaarheid getuigden, omdat men zo lang van de familie of kennissenkring van “dizze lieve skone Broakese mens” deel uit mochten maken. Een enorm gezelschap, van familieleden en vrienden, politici, tuinders, en kennissen, waaraan 2 crematoriumzalen niet genoeg ruimte zouden kunnen bieden, was in de Geldropse centrumkerk samengekomen om op gepaste wijze afscheid van Frans te nemen. Dankbare woorden van familie en kleinkinderen werden afgewisseld met voor een uitvaart niet gebruikelijke muziek zoals: “Daar komt munne witpen aan”, “Opa” van Marco Borsato en afgesloten met de mars “Alte Kameraden”. Daarmee kon men zich in het hiernamaals alvast opmaken voor een passende ontvangst van een grote “Geldropse kameraad”.

Na de dienst werd Frans in besloten kring naar zijn laatste rustplaats, op begraafplaats St. Jozef aan de Dwarsstraat in Geldrop, begeleid en daarna waren genodigden in staat om in Heerenhuys 23 de familie te condoleren en met elkaar nog enkele van de ontelbare goede herinneringen aan Frans op te halen.